Tafel van 6 leren: welke sommen echt nieuw zijn

De tafel van 6 is de eerste van de moeilijke groep. Er zit geen patroon in de uitkomsten en hij komt pas in groep 5, als de makkelijke tafels al af zijn. Toch is het werk kleiner dan het lijkt: als je kind alles tot en met de tafel van 5 kent, zijn er nog maar vier sommen die het echt voor het eerst tegenkomt.
Wat je kind al kent zonder het te weten
Een keersom mag je omdraaien: 6 keer 3 en 3 keer 6 hebben dezelfde uitkomst. Alles wat je kind bij de eerdere tafels heeft geleerd, telt hier dus mee.
Kent het de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10, dan kent het daarmee 6 keer 1 tot en met 6 keer 5, en 6 keer 10. Van de tien sommen blijven er dan vier over: 6 keer 6, 6 keer 7, 6 keer 8 en 6 keer 9.
Zeg dat ook zo tegen je kind voordat je begint. Vier sommen leren is een heel ander vooruitzicht dan een hele nieuwe tafel, en het is nog waar ook.
Truc 1: vanaf de tafel van 5
De tafel van 5 zit bij vrijwel elk kind stevig. En 6 keer iets is precies 5 keer iets, plus dat getal er nog een keer bij.
- 6 keer 7: 5 keer 7 is 35, plus 7 is 42.
- 6 keer 8: 5 keer 8 is 40, plus 8 is 48.
- 6 keer 9: 45 plus 9 is 54.
Deze route werkt bij alle vier de nieuwe sommen, en dat is precies waarom de tafel van 5 eerst aan de beurt is. Loopt het hier vast, controleer dan niet de 6 maar de 5.
Truc 2: verdubbelen vanaf de tafel van 3
Zes is twee keer drie. Elke som uit de tafel van 6 is dus het dubbele van dezelfde som uit de tafel van 3.
- 6 keer 7: 3 keer 7 is 21, verdubbeld is 42.
- 6 keer 8: 24 verdubbeld is 48.
- 6 keer 6: 18 verdubbeld is 36.
Sommige kinderen vinden deze prettiger dan de vorige, vooral als verdubbelen goed gaat. Laat je kind zelf kiezen welke van de twee het gebruikt. Twee routes aanbieden en er een laten kiezen werkt beter dan één route opleggen.
De uitkomsten zijn altijd even
Zes is een even getal, dus elke uitkomst in deze tafel is ook even: 6, 12, 18, 24, 30, 36, 42, 48, 54, 60. Er zit geen enkel oneven getal tussen.
Dat is een handige controle. Zegt je kind dat 6 keer 7 gelijk is aan 43, dan klopt het niet, want 43 is oneven. Zo kan het zijn eigen antwoord nakijken zonder jou erbij.
Er is nog een tweede patroon dat kinderen leuk vinden: bij een even getal keer 6 eindigt de uitkomst op hetzelfde cijfer als de helft van dat getal keer 2. Dat is te ingewikkeld om aan te leren, maar het even-oneven patroon is dat zeker niet.
De som die het vaakst fout gaat
Dat is 6 keer 7. Kinderen halen 42 en 48 door elkaar, en soms zeggen ze 36. Dat komt doordat alle drie die getallen even zijn, in de veertig of dertig liggen en in de buurt van elkaar zitten.
Oefen deze som daarom apart en koppel hem aan één vaste route: 35 plus 7. Wie steeds dezelfde weg gebruikt, twijfelt minder dan wie de ene keer verdubbelt en de andere keer optelt.
Oefen de tafel van 6
Sommen door elkaar, sterren verdienen en toewerken naar een tafeldiploma. Gratis, zonder account.
Tafel van 6 leren: het oefenschema
Tien minuten per dag, en niet meer dan vier nieuwe sommen tegelijk. Verdeeld over een week ziet dat er zo uit.
- Dag 1 en 2: alleen 6 keer 6, 6 keer 7, 6 keer 8 en 6 keer 9, met de truc erbij.
- Dag 3: die vier zonder truc, gewoon uit het hoofd.
- Dag 4: de hele tafel door elkaar, dus ook de sommen die je kind al kende.
- Dag 5 en verder: mengen met de tafels van 3, 4 en 5, want daar zitten de omkeersommen.
Waar de tafel van 6 later terugkomt
Deze tafel duikt vaker op dan de meeste. Zes komt namelijk overal in ons dagelijks leven voor: eieren in een doos, zijden van een dobbelsteen, maanden in een half jaar.
En bij tijd is zes de sleutel: zestig minuten in een uur, en tien keer zes daarin. Wie de tafel van 6 kent, rekent later makkelijker met tijd. Bij het rekenen met tijd in groep 5 en 6 merk je dat verschil meteen.
Wat de school verwacht
In de leerlijn van SLO beginnen kinderen in groep 3 en 4 met het automatiseren en memoriseren van tafelproducten, en wordt dat in groep 5 en 6 voortgezet en uitgebreid. De tafel van 6 hoort bij die tweede fase, samen met 7, 8 en 9.
In de praktijk betekent dat: ergens in de eerste helft van groep 5 komt hij aan de beurt, en aan het eind van dat jaar moet hij door elkaar zitten. Lukt dat aan het begin van groep 6 nog niet, dan is dat het moment om er thuis aandacht aan te geven, want de deeltafels bouwen er direct op voort.
Als het na twee weken nog niet zit
Controleer dan eerst de tafels van 3 en 5, want beide trucs leunen daarop. Wankelt een van die twee, dan is doorgaan met de 6 dweilen met de kraan open.
Zitten die wel goed en blijft het toch hangen, kort het dan in. Neem twee sommen in plaats van vier, bijvoorbeeld alleen 6 keer 7 en 6 keer 8, en oefen die tot ze er zonder aarzelen uit komen. Voeg de andere twee pas daarna toe. Voor een kind dat het moeilijk vindt, is vier tegelijk te veel en blijft alles half hangen.
De tafel van 6 en de klok
Er is één plek waar je kind de tafel van 6 dagelijks tegenkomt zonder dat het doorheeft: de klok. Een uur heeft zestig minuten, en dat is tien keer zes. Elk kwartier is vijftien minuten, en dat is twee en een half keer zes.
Handiger nog is de andere kant op. Hoeveel minuten zijn twee uur? Twee keer zestig, dus 120. En hoeveel seconden in twee minuten? Ook daar duikt de zestig weer op.
Gebruik dat als extra oefenmoment. Vraag bij het koken hoeveel minuten drie kwartier is, of hoe laat het over 60 minuten is. Voor kinderen voelt dat niet als tafels oefenen, en het is wel precies dezelfde kennis.
Diezelfde koppeling maakt het rekenen met tijd later makkelijker. Wie de zestig in stukken van zes kan verdelen, snapt sneller waarom een half uur dertig minuten is en drie kwartier vijfenveertig.
Veelgestelde vragen
Hoeveel sommen uit de tafel van 6 zijn echt nieuw?
Vier: 6 keer 6, 6 keer 7, 6 keer 8 en 6 keer 9. De rest kent je kind al via de omkeersommen uit de tafels van 1 tot en met 5 en die van 10. Dat maakt de klus veel kleiner dan een hele tafel leren.
In welke groep leren kinderen de tafel van 6?
Meestal in de eerste helft van groep 5, na de tafels van 1, 2, 5, 10, 3 en 4. Aan het eind van groep 5 wordt verwacht dat een kind alle tafels tot en met 10 door elkaar kent.
Wat is de handigste truc bij de tafel van 6?
Rekenen vanaf de tafel van 5: 6 keer 7 is 5 keer 7 plus nog een 7, dus 35 plus 7 is 42. Verdubbelen vanaf de tafel van 3 werkt ook, want 6 is twee keer 3. Laat je kind kiezen welke van de twee het prettigst voelt.
Welke som uit de tafel van 6 gaat het vaakst fout?
Zes keer zeven. Kinderen wisselen 42, 48 en 36 door elkaar, omdat die drie getallen allemaal even zijn en dicht bij elkaar liggen. Oefen die som apart en houd steeds dezelfde route aan: 35 plus 7.
