Home › Blog › Meten
Veerle Dielen · Basisschoolleerkracht · 22 augustus 2026 · 6 min lezen · Meten

Oppervlakte berekenen: tegels tellen zonder te tellen

Een kaart met een rooster van 8 bij 5 hokjes waarin de tafel van 5 het aantal hokjes geeft

Lengte keer breedte. Dat is de hele formule, en kinderen leren hem meestal binnen één les uit hun hoofd. Waarom je mag vermenigvuldigen om te weten hoeveel er in past, is een heel ander verhaal, en juist dat verhaal maakt het verschil bij de sommen die daarna komen.

Begin met hokjes tellen

Teken op ruitjespapier een rechthoek van 8 hokjes breed en 5 hokjes hoog. Vraag hoeveel hokjes er in passen.

Laat je kind ze eerst gewoon tellen. Het komt op 40 uit, en dat duurt even. Vraag dan of het ook sneller kan.

Bijna elk kind ziet dan de rijen: vijf rijen van acht. En dat is 5 keer 8, dus 40. Daarmee heeft het de formule zelf bedacht, en dat is een heel ander uitgangspunt dan hem krijgen.

Doe daarna hetzelfde met een rechthoek waarvan de zijden geen mooie getallen zijn, bijvoorbeeld 7 bij 6. Dan valt het tellen echt tegen en is de sprong naar vermenigvuldigen nog aantrekkelijker.

Laat je kind bovendien zelf een rechthoek tekenen met een gegeven oppervlakte, bijvoorbeeld 24 hokjes. Er zijn meerdere antwoorden: 4 bij 6, 3 bij 8, 2 bij 12. Dat is een prettige opdracht omdat er niet één goed antwoord is.

Oppervlakte berekenen met de formule

Vanaf dat moment mag het korter: oppervlakte is lengte keer breedte. Bij 8 bij 5 is dat 40.

Bij een vierkant is het de zijde keer zichzelf. Een vierkant van 6 heeft een oppervlakte van 36.

Merk op dat dit precies het rechthoekmodel is dat je kind bij de tafels heeft gezien. Vier rijen van drie fiches is 12, en een rechthoek van 4 bij 3 heeft een oppervlakte van 12. Dezelfde tekening, een ander onderwerp. Meer daarover staat bij vermenigvuldigen aanleren.

De vierkante meter uitgelegd

Oppervlakte wordt gemeten in vierkante eenheden, en dat kleine tweetje achter de eenheid maakt kinderen onzeker.

Het betekent gewoon: hokjes van een meter bij een meter. Als een kamer 5 vierkante meter is, passen er vijf van die tegels in.

Plak een keer met tape een vierkante meter op de vloer. Kinderen schrikken meestal van hoe groot dat is, en daarna hebben ze er een beeld bij dat blijft hangen.

Het verschil met omtrek

Omtrek en oppervlakte worden vrijwel tegelijk aangeboden, en dat is precies waarom ze door elkaar gaan lopen.

Het verschil in één zin: omtrek is de rand, oppervlakte is de vulling. Om de tuin komt een hek, in de tuin komt gras.

Bij de eenheden zie je het ook: omtrek in meters, oppervlakte in vierkante meters. Meer daarover staat bij omtrek berekenen.

Samengestelde vormen opknippen

In groep 7 komt een vorm voorbij die uit twee rechthoeken bestaat, bijvoorbeeld een L-vormige kamer. De formule werkt dan niet in één keer.

Wat wel werkt is opknippen. Teken een lijn zodat er twee rechthoeken ontstaan, reken elk apart uit en tel de twee uitkomsten op.

Er is ook een tweede route: teken de vorm als een grote rechthoek en trek er het ontbrekende stuk vanaf. Beide zijn goed; laat je kind kiezen welke bij de vorm past.

Wanneer dit aan bod komt

Oppervlakte komt in groep 6, tegelijk met of vlak na de omtrek. In groep 7 komen samengestelde vormen erbij, en in groep 8 de driehoek en de cirkel.

In de leerlijn van SLO over meetkunde gaat het over het oplossen van eenvoudige meetkundige problemen. Oppervlakte hoort daarbij, en de nadruk ligt op het oplossen en niet op het toepassen van een formule.

Loopt je kind vast, kijk dan of de tafels paraat zijn. Elke oppervlaktesom is een keersom, en zonder tafels wordt elke opgave dubbel werk.

Rekenen met andere eenheden

Op een tekening staan de maten soms in centimeters en wordt het antwoord in vierkante meters gevraagd. Dan moet er eerst omgerekend worden, en daar gaat het vaak mis.

De valkuil is dat kinderen denken dat een vierkante meter honderd vierkante centimeter is, omdat een meter honderd centimeter is. Het zijn er tienduizend, want je rekent honderd bij honderd.

Laat dat een keer zien met een tekening van een vierkant van tien bij tien hokjes: honderd hokjes. Bij honderd bij honderd zijn het er tienduizend. Meer over die trap staat bij maten omrekenen.

Oefen de tafels eronder

Elke oppervlaktesom is een keersom. Zitten de tafels vlot, dan is dit onderwerp een kwestie van kijken. Gratis, zonder account.

Naar de tafels